Sinds ik jong was, heb ik altijd een doos bij me gehouden, niet ÉÉN doos, maar EEN doos – gevuld met memorabilia zoals oude kaartjes, kroonkurken, handgeschreven briefjes en foto’s. Deze objecten lijken voor sommigen misschien onbeduidend, maar voor mij vertegenwoordigen ze een geheugencapsule: een verzameling persoonlijke artefacten doordrenkt met geschiedenis en emotie.

Waarom?

De spullen in de doos zijn verbonden met de momenten en mensen in mijn leven, soms met een heel specifieke ervaring. Bijvoorbeeld: kroonkurken van de speciaalbieren die ik met vrienden in Roemenië dronk, theedoosjes van een reis naar Dinant, of een servet met een vogelopdruk van het tweede kerstdiner in 2023 – ik kan ze allemaal opnoemen.

Stel je voor dat ze allemaal een andere kleurtint hebben die de actanten vertegenwoordigt, en dat elk voorwerp gekoppeld is aan specifieke herinneringen die in diezelfde kleur zijn getekend. Buiten de doos zouden dezelfde voorwerpen voor mij misschien kleurloos zijn, maar binnenin de doos vormen ze een verzameling vol verschillende kleuren. Elke keer dat ik de doos open en deze voorwerpen doorneem, voelt het alsof ik die herinneringen opnieuw beleef.

Het verzamelen omvat een synthetisch proces van het samenvoegen van temporele fragmenten, waarmee een illusie van continuïteit wordt gecreëerd die inherent verbonden is met een gevoel van verlies. Dit verlies is niet louter negatief, maar vervult juist een productieve functie in het definiëren van het temporele karakter van verzamelingen. En wanneer ik me niets meer bij een specifiek voorwerp kan herinneren, wordt het uit de doos gehaald. Het gevolg daarvan is dat er weer ruimte ontstaat voor nieuwe voorwerpen.

Er moeten toch wel anderen zijn met dezelfde “fetish” als ik? Ik vroeg een paar vrienden naar hun eigen ervaringen met dit soort gewoontes; de meesten van hen – voornamelijk vrouwen – hebben er minstens één.

Nog een doos bewaar ik nog steeds in Vietnam.